Prijsverschillen tussen vergelijkingssites van autoverzekeringen

Gepost op door in de categorie Autoverzekeringen, Nieuws

Samenvatting

In dit onderzoek zijn drie verschillende mogelijkheden voor het online afsluiten van autoverzekeringen vergeleken: traditionele tussenpersonen, affiliatiesites en vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid. Elk van deze mogelijkheden oogt en werkt als een vergelijkingssite, maar er zijn belangrijke onderlinge verschillen te vermelden. Middels het invoeren van fictieve personen (n=30) met bepaalde persoons- en autokenmerken bij zeven websites is onderzocht wat de goedkoopst aangeboden premie was per website. De onderzochte traditionele tussenpersonen bleken in dit onderzoek over het algemeen flink duurder dan affiliatiesites. Deze bleken in dit onderzoek doorgaans licht duurder dan vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid.

§1. Inleiding

De affiliatiesite Goedkoopsteautoverzekering.net heeft een onderzoek uitgevoerd om meer inzicht te verkrijgen in hoe autoverzekeringen het voordeligst online afgesloten kunnen worden in Nederland. Het afsluiten van autoverzekeringen gebeurt namelijk steeds vaker online, maar er is een schrijnend tekort aan informatie over de verschillende mogelijkheden. Een zeer veel gebruikte mogelijkheid is die van de vergelijkingssite. Een consument voert bij zo’n website de postcode, enkele persoonsgegevens, de kentekenplaat van de auto en de gewenste dekking in. Op basis daarvan wordt een reeks verzekeringen berekend door de vergelijkingstool. Hoewel de meeste van dit soort vergelijkingssites op het eerste gezicht sterk op elkaar lijken, is de verwachting dat er belangrijke onderlinge verschillen zijn. De verwachte verschillen zullen in dit onderzoek getoetst worden.

Er zijn verschillende soorten vergelijkingssites te vinden en deze kunnen onderverdeeld worden in grofweg drie hoofdsoorten. Allereerst kan een autoverzekering online via traditionele tussenpersonen afgesloten worden. Dit is een soort vergelijkingssite die doorgaans geen zaken doet met zogeheten direct writers. Dat zijn verzekeraars die zonder tussenkomst van derden zakendoen. Voorbeelden van direct writers zijn Ohra, Allsecur, Zelf en FBTO. Deze worden bij de traditionele tussenpersonen veelal niet getoond in de resultaten. Met overige verzekeringsmaatschappijen wordt wel zaken gedaan, maar de website ontvangt een provisie gedurende de gehele periode dat de verzekerde de betreffende verzekering heeft.

Ten tweede zijn er vergelijkingssites die doorlinken naar de verzekeraar. Dit zijn zogeheten affiliatiesites. Deze geven wel direct writers weer en ontvangen geen maandelijkse bijdrage bovenop de premie. Wanneer de consument via deze website een verzekering wil afsluiten, wordt deze doorgesluisd naar de website van de verzekeraar. De vergelijkingswebsite krijgt een eenmalig bedrag voor het doorsluizen van de consument, een zogeheten lead. Dit heeft naar verwachting geen invloed op de premie, aangezien het geld is wat anders ingezet zou zijn voor marketingdoeleinden.

Ten derde zijn er vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid. Hier kan op de website van de vergelijkingssite zelf de verzekering afgesloten worden. Dit zijn vaak grotere partijen die met veel verzekeraars contracten hebben. In enkele gevallen weten ze naar verwachting zelfs verzekeringen voor een lager bedrag aan te bieden dan de concurrentie, omdat ze een korting hebben kunnen bedingen bij de verzekeraar. Dit gaat echter wel vaak om kleine bedragen. Deze vergelijkingssites werken met een hybridemodel. Ze ontvangen zowel provisie als een lead, hoewel de losse bedragen hiervan doorgaans lager liggen dan bij websites die alleen provisie of alleen een lead ontvangen. Hier is de premie eveneens naar verwachting niet hoger dan op de website van de verzekeraar zelf.

§2 Methode

Dit onderzoek zal in kaart brengen hoe dit soort vergelijkingssites zich tot elkaar verhouden en wat voor de consument de beste keuze is om tot een goedkope autoverzekering te komen. Allereerst dient hiervoor stilgestaan te worden bij de methodologie. Aangezien autoverzekeringen een maatproduct zijn, kunnen de uitkomsten van dit onderzoek weliswaar op de situatie van de meeste automobilisten van toepassing zijn, maar kan nooit gegarandeerd worden dat ze voor allen gelden.

Het onderzoek is uitgevoerd door het creëren van fictieve personen (n=30). Voor elk van deze personen is de volgende reeks persoonskenmerken opgesteld: Postcode, leeftijd, schadevrije jaren en het aantal gereden kilometers per jaar. Dit zijn de persoonskenmerken die door vergelijkingssites gevraagd worden wanneer de consument autoverzekeringen wilt vergelijken. Bij deze persoonskenmerken is waar mogelijk geprobeerd een zo representatief mogelijke afspiegeling van de samenleving te geven. Zo is er een grote mate van veelzijdigheid onder de individuen die niet willekeurig tot stand gekomen is. Ook is er voor elk van de individuen een auto inclusief kenmerken opgesteld. Er zijn uiteindelijk 30 kentekenplaatgegevens verzameld om toe te passen bij de vergelijking. Vergelijkingssites nemen ook een reeks kenmerken van de auto’s mee in de berekening van de prijs en deze zijn bekend wanneer het kenteken ingevoerd wordt. Ook bij het opstellen van de verschillende kentekens is gekeken naar een zo representatief mogelijke afspiegeling van de werkelijkheid met een hoge mate van variatie. Uiteindelijk zijn er auto’s geselecteerd van verschillende merken met verschillende leeftijden, aankoopprijzen, vermogens en soorten brandstof die verbruikt worden.

De persoons- en autokenmerken van de fictieve personen zijn ingevoegd bij drie traditionele tussenpersonen, twee affiliatiesites en twee vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid. Er is voor gekozen om de betreffende websites niet te noemen. De verschillende soorten vergelijkingssites die in de inleiding zijn besproken zijn dus gerepresenteerd in het onderzoek.

Nadat de gegevens van elk van deze 30 fictieve personen ingevoerd waren bij de zeven websites, zijn steeds de goedkoopste opties genoteerd en ingevoerd in het statistische computerprogramma SPSS (versie 21). Vervolgens zijn verschillende analyses uitgevoerd.

§3 Resultaten

3.1 Algemene resultaten

Wanneer de persoons- en autokenmerken van de fictieve personen bij elk van de zeven vergelijkingssites op exact dezelfde wijze ingevoerd werden, bleken er aanzienlijke onderlinge verschillen aanwezig te zijn. Zo kwam het voor dat een vergelijkingssite een bepaalde verzekeraar of verzekering niet weergaf, wat kan maken dat een andere vergelijkingssite die deze wel aangeeft uiteindelijk een goedkopere optie kan voorleggen. Ook kwam het voor dat verschillende vergelijkingssites exact dezelfde verzekeringen aanboden voor een andere prijs.

Er zal hier allereerst ingegaan worden op het grote plaatje. Van de 30 gevallen was negentien keer één van de twee vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid de goedkoopste. In twee van de gevallen was de affiliatiesite de goedkoopste. Eén keer was een traditionele tussenpersoon de goedkoopste optie, in dit geval was er wel sprake van een eigen risico van €1000,- ten opzichte van een eigen risico van €135,- bij de duurdere concurrenten. In Tabel 1 zijn de gemiddelden weergegeven van zowel de premie als het eigen risico. Belangrijk is hierbij om te beseffen dat er enorme verschillen waren tussen de prijzen van de premies en dat de uiteindelijke premie behorende bij een persoon niet afgelezen kan worden uit deze resultaten. De genoemde prijzen dienen dan ook niet als ankerpunt voor autoverzekeringen gebruikt te worden.

Onderzoek Tabel 1

Het gemiddeld eigen risico is meegenomen, omdat bemerkt werd dat hier grote verschillen inzaten. Aangezien er aanbieders van verzekeraars zijn die een vast eigen risico hebben, was het in de meeste gevallen niet mogelijk om bij de vergelijking eenzelfde eigen risico te kiezen. Vandaar dat ervoor gekozen is toch de vergelijking te maken, met daarnaast een vermelding van de eigen risico’s ter nuancering van de bevindingen.

Er is gekeken of er sprake was van statistische significantie tussen de gevonden verschillen tussen de gemiddelden. Tussen de gemiddelden van de twee affiliatiesites onderling en tussen de gemiddelden van de twee vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid onderling werden geen significante verschillen gevonden. Verder waren alle verschillen wel significant. De traditionele tussenpersonen presteren over de gehele linie het slechtst. De combinatie van eigen risico en maandelijkse premie is bij hen het meest nadelig bevonden. Het kwam niet voor dat een affiliatiesite eenzelfde verzekering voor een hogere prijs aanbood dan een concurrent. Wel kwam het maar liefst in elk van de gevallen tenminste één keer voor dat een door een traditionele tussenpersoon aangeboden verzekering voor een lagere prijs bij een vergelijkingssite met afsluitmogelijkheid aangeboden werd. Het betreft hier exact hetzelfde product voor een hogere prijs.

Verder kan gesteld worden dat er niet één ideale website is voor de vergelijking. Zo zijn de vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid weliswaar in de meeste gevallen de voordeligste optie, maar is dit niet altijd het geval. In bepaalde gevallen bleek een affiliatiesite goedkoper. Een traditionele tussenpersoon is, in de genoemde groep van 30 fictieve personen, slechts eenmaal de goedkoopste geweest. In dit geval was het eigen risico bij de traditionele tussenpersoon echter maar liefst €1000,- tegenover slechts €135,- bij een verschil in premie van 14,5%.

Een belangrijke methodologische opmerking is dat er uiteindelijk in drie gevallen op tenminste één website geen verzekeringen aangeboden werden. Het niet weergeven van verzekeringen kwam enkel voor bij traditionele tussenpersonen en bij elk één keer, met uitzondering van één van de partijen, waarbij het drie keer voorkwam. Bij de berekening van de gemiddelden is uitgegaan van 27 cases, om te maken dat dit goed met elkaar vergeleken kon worden. Bij het berekenen van statistische significantie van het verschil tussen twee websites met elk meer dan 27 cases, zijn er wel 29 of 30 cases gebruikt.

Zoals aangegeven zijn de cijfers in Tabel 1 voornamelijk interessant wanneer ze bekeken worden in verhouding tot elkaar en minder wanneer de absolute getallen geïnterpreteerd worden. Vandaar dat de weergave van Tabel 2 een meer relatieve is dan die van Tabel 1. Hier wordt gekeken naar de percentuele gemiddelde afwijking van het gemiddelde voor zowel de premie als het eigen risico. De gemiddelde premie kwam uit op €48,39 en het gemiddelde eigen risico op €140,27. Bij Tabel 2 staat een negatieve waarde voor het goedkoper zijn dan gemiddeld. Zo duidt een waarde van -4,1% duurder erop dat de betreffende website 4,1% goedkoper dan gemiddeld was.

Onderzoek tabel 2

Uitgebreidere analyse van de data geeft nog extra inzichten. Zo kwam het voor dat de vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid exact dezelfde verzekering aanboden als traditionele tussenpersonen, maar voor een lagere prijs. In maar liefst elk van de dertig gevallen was er tenminste één traditionele tussenpersoon die dezelfde verzekering voor een hogere prijs aanbood. De gevonden verschillen tussen de traditionele tussenpersonen en de overige aanbieders komen dus voor een belangrijk deel door het aanbieden van exact hetzelfde product voor een hogere prijs. Verder komt het verschil in prijs door het niet aanbieden van verzekeringen van bepaalde verzekeraars, zoals direct writers.

3.2 Fictieve personen

In de bijlage (A) zijn de fictieve personen inclusief auto opgenomen. Er zijn enkele tests uitgevoerd waarbij gekeken wordt hoe groot de verschillen in prijs kunnen zijn van bijvoorbeeld dezelfde persoon met een andere auto of dezelfde auto en persoonskenmerken, maar wel een andere leeftijd. Dit gedeelte van het onderzoek is kleinschaliger dan het voorgaande en dient voornamelijk om inzicht te verschaffen voor eventueel vervolgonderzoek.

Allereerst zijn drie benzineauto’s met elkaar vergeleken. Het betreft een Volvo C70, een Audi A6 en een Mercedes Benz Slk-klasse. Elk van de auto’s heeft een dagwaarde tussen de 15.000 – 16.000 euro, is gebouwd in de periode 2005 – 2006 en heeft tussen de 120.000 en de 150.000 kilometer op de teller. Hiermee is dus gekozen voor drie sterk vergelijkbare auto’s van andere merken. In elk van de gevallen is uitgegaan van eenzelfde in Utrecht woonachtige fictieve persoon van 34 jaar met tien schadevrije jaren en een jaarlijks verbruik van 15.001 – 20.000 kilometer. De auto’s zijn ingevoerd bij een vergelijkingssite met afsluitmogelijkheid en de verschillen zijn fors. Betaal je voor een beperkte cascoverzekering voor de Volvo hier  €26,66 in de maand? Voor de Mercedes ligt dit bedrag al op de €31,38. Voor de Audi mag je maar liefst €47,48 in de maand neertellen. Dat is bijna een verdubbeling ten opzichte van de Volvo. Dit kan weliswaar waarschijnlijk gedeeltelijk te wijten zijn aan enkele verschillende kenmerken tussen de auto’s, maar dit roept de verwachting op dat simpelweg het merk van een auto invloed kan hebben op de premie. Dit zal aan de hand van enkele andere steekproeven met dezelfde merken verder uitgewerkt worden.

Vervolgens zijn er van dezelfde merken weer drie benzineauto’s met elkaar vergeleken. De dagwaarde kwam hier uit op 10.450 – 10.500, de kilometerstand fluctueerde tussen de 125.000 – 149.000 kilometer en ze zijn elk gebouwd in de periode 2009 – 2010. Er is hier uitgegaan van 65-jarige uit Zwolle die vijf schadevrije jaren heeft en jaarlijks tussen de 10.001 – 15.000 kilometer aflegt. Er is hier uitgegaan van een beperkte cascoverzekering. Opvallend is dat bij de Mercedes en de Volvo een volledige cascoverzekering geadviseerd werd, waar bij de Audi een beperkte cascoverzekering geadviseerd werd. Ook hier bleek de Volvo de goedkoopste auto met een dekking van €21,68, gevolgd door de Audi met €23,75 en tot slot door de Mercedes met €24,13. Dit suggereert dat het niet zo simpel ligt dat gesteld kan worden dat het ene merk standaard tot een duurdere autoverzekering leidt dan het andere merk. Wel zou dit per model het geval kunnen zijn. Er zal dus weer teruggegrepen worden naar de vorige vergelijking, exact dezelfde modellen zullen meegenomen worden, maar dan wel andere auto’s.

Nu komt de Volvo uit op €60,11 voor een volledige cascoverzekering, de Mercedes volgt met €76,75 en de Audi komt uit op maar liefst €114,16. Wanneer de voorgaande resultaten meegenomen worden, suggereert dit dat het model van de auto wel degelijk een sterke invloed heeft op de premie van de autoverzekering. Dit zal in vervolgonderzoek getoetst moeten worden.

De Volvo C70 uit de vorige vergelijking wordt ook even meegenomen om te testen hoe sterk de invloed van de postcode kan zijn op de premie. Dit blijkt ook fors. Voor de Volvo C70 blijkt dat een inwoner van Utrecht met postcode 3524AD €60,11 per maand kwijt is. Wanneer alle gegevens exact gelijk gehouden worden, behalve de postcode, blijkt dat iemand in Niawier (een klein dorp in Friesland) slechts €42,24 betaalt. De woonplaats van iemand kan dus een enorme invloed hebben op de premie van de verzekering.

3.3 Verschillen volledig cascoverzekeringen

Een volledig cascoverzekering is zeker niet in alle gevallen hetzelfde. Er was in de inleiding al opgemerkt dat een autoverzekering een maatproduct is. Niet alleen wordt de hoogte van de premie gebaseerd op een groot scala aan variabelen, tevens zitten er belangrijke verschillen in de voorwaarden van bijvoorbeeld de volledig cascoverzekeringen. De dekkingen zijn zeker niet uitwisselbaar en dienen per geval nadrukkelijk bekeken te worden om een goede keuze te kunnen maken. Er werden verschillende belangrijke verschillen gevonden die kunnen maken dat een verzekerde meer of minder uitgekeerd krijgt.

Allereerst was er een grote variatie in de opbouw van de bonus/malusladder aangetroffen. Bij verschillende verzekeraars was het aantal treden anders. Het kortingspercentage per trede verschilde, evenals het aantal treden dat bij één of enkele gereden schades gedaald werd op de ladder. De verschillen kunnen ingrijpend zijn. Zo zijn er verzekeraars waarbij iemand meerdere schadevrije jaren nodig heeft om in plaats van een toeslag te moeten betalen, een korting te verkrijgen op de premie. Bij andere verzekeraars is dit soms slechts één jaar, of hoeft er zelfs in geen enkel geval een toeslag betaald te worden. Dit kan voor beginnende chauffeurs of chauffeurs die relatief veel schade rijden behoorlijk uitmaken.

Ten tweede wisselt de werkwijze omtrent reparaties uit laten voeren door al dan niet aangesloten herstelbedrijven. Er zijn verzekeraars die bij schade het normale eigen risico rekenen wanneer een niet aangesloten herstelbedrijf de reparatie uitvoert, terwijl een bij hen aangesloten bedrijf kan leiden tot een lager eigen risico of zelfs geen eigen risico. Andere verzekeraars rekenen het normale eigen risico wanneer een bij hen aangesloten herstelbedrijf de reparatie uitvoert en anders geldt een hoger eigen risico. Dit verschil kan per reparatie snel enkele honderden euro’s schelen.

Ten derde zit er een verschil in de opzegtermijn. Er zijn verzekeraars waar dit schriftelijk moet en waar dan een opzegtermijn van verschillende maanden geldt, terwijl bij andere verzekeraars er sprake is van directe opzegmogelijkheden die tevens een stuk eenvoudiger zijn. Wanneer een consument een aantrekkelijk aanbod voor een verzekering ziet, kunnen dit soort voorwaarden het verschil maken tot een snelle reactie of achter het net vissen.

Ten vierde zit er een verschil in de vergoeding van optionele accessoires zoals geluidsapparatuur. De meeste verzekeraars verzekeren dit slechts tot op zekere hoogte, maar wat deze hoogte is verschilt dan wel weer. Dit kan bijvoorbeeld €500,- zijn, maar ook €1.000,-.

Ten vijfde worden eigen risico’s in veel gevallen opgehoogd voor jongere bestuurders. Zo zijn er verzekeraars die bestuurders tot 24 een hoger eigen risico laten betalen van €65,- meer. Er zijn er echter ook die het eigen risico verhogen met maar liefst €150,-. Dit kan voor jonge bestuurders een hoop uitmaken.

Ten zesde verschilt de nieuwwaardedekking aanzienlijk. De afschrijving van de waarde van de auto kan na één jaar starten, of pas na drie jaar en ook de snelheid van de afschrijving verschilt. Er zijn ook verzekeraars die verschillende volledig cascoverzekeringen aanbieden. Hoe lang de nieuwwaardedekking geldt is dan bijvoorbeeld één van de verschillen.

4 Conclusie

In dit onderzoek is voor 30 fictieve personen de voordeligste wijze tot het online afsluiten van een autoverzekering nagegaan. De persoons- en autokenmerken zijn ingevoerd bij in totaal zeven verschillende vergelijkingssites. Steeds is genoteerd wat per vergelijkingssite als voordeligste optie gegeven werd. Het eigen risico is ook genoteerd. Het afsluiten van de verzekering via een traditionele tussenpersoon bleek in slechts één van de 30 gevallen de voordeligste optie. Het kwam zelfs in bijna elk van de gevallen voor dat een traditionele tussenpersoon exact dezelfde verzekering aanbood als een andere vergelijkingssite, maar dan voor een hogere prijs.

Een andere belangrijke bevinding was dat de traditionele tussenpersonen in sommige gevallen helemaal geen verzekeringen aanboden. Er zijn dus combinaties van personen en auto’s die bij de overige vergelijkingssites tot resultaten leidden, maar waarbij één of zelfs enkele traditionele tussenpersonen niet één verzekering voor kunnen vinden. Bij een van de traditionele tussenpersonen kwam dit maar liefst in 10% van de gevallen voor.

Een belangrijk punt bij de vergelijking is het eigen risico. Het is lastig om bepaalde uitspraken te doen over de premie zonder dit mee te nemen, aangezien het eigen risico de premie beïnvloedt. De mate waarin deze beïnvloeding plaatsvindt, verschilt weer per verzekeraar en er zijn eveneens verzekeraars die geen optie geven tot het zelf kiezen van het eigen risico. Het verschil in eigen risico’s bij de premies waarmee de vergelijking is uitgevoerd is er dus steeds bij vermeld om zo extra inzicht te geven in de betekenis van de getallen van de premie. Echter, ondanks de eigen risico’s blijven de traditionele tussenpersonen de minst interessante optie. Er is zelfs één traditionele tussenpersoon die gemiddeld genomen zowel de hoogste maandelijkse premie heeft als het hoogste eigen risico.

De verschillen tussen de overige vergelijkingssites zijn een stuk kleiner. De twee vergelijkingssites waar direct afgesloten kan worden op de website verschilden onderling wel eens in de prijs die ze vroegen voor exact dezelfde verzekering, maar het ging hier slechts over kleine verschillen. Het kwam zelfs nog minder voor dat de vergelijkingssite die doorsluist naar de website van de verzekeraar exact dezelfde verzekering voor een hogere prijs aanbood dan een concurrent. Toch bleek het laatstgenoemde type vergelijkingssite over het algemeen iets duurder dan de vergelijkingssites waarop direct verzekeringen afgesloten kunnen worden. Dit kwam doordat deze vergelijkingssites premies van verzekeraars aanboden waarbij het niet mogelijk is om op de website van de verzekeraar af te sluiten.

De belangrijkste bevinding van dit onderzoek is de te hoge prijs van de traditionele tussenpersonen. In bijna elk van de in dit onderzoek bekeken gevallen bleek het vergelijken via een traditionele tussenpersoon duurder dan via een vergelijkingssite met afsluitmogelijkheid of een affiliatiesite. Een voorbeeld wat het enorme verschil illustreert is dat van het eerst geanalyseerde fictieve persoon. Deze was woonachtig in Rotterdam, twintig jaar, had nul schadevrije jaren, reed 14.000 kilometers per jaar en had een veertien jaar oude Volkswagen Golf. Wanneer deze bij een van de twee affiliatiesites of een van de twee vergelijkingssites met afsluitmogelijkheid ging vergelijken, was in elk van de gevallen de voordeligste optie voor een alleen WA-verzekering €80,89 per maand. Gemiddeld kwam bij de traditionele tussenpersoon €122,19 als voordeligste optie naar voren. Dit is een verschil van maar liefst €495,64 per jaar en dit verschil zit puur tussen de verschillende vergelijkingssites. In dit geval was de voordelige premie gevonden bij een direct writer die de premie van €80,89 aanbood en deze worden niet getoond bij de traditionele tussenpersoon, wat het verschil maakt tussen toch snel meer dan vijf romantische etentjes op jaarbasis of meer betalen zonder er daadwerkelijk meer voor terug te krijgen. Voor consumenten is het dus van groot belang te kunnen herkennen wanneer zij op een website van een traditionele tussenpersoon zijn en wanneer niet. De beste methode is kijken of de website autoverzekeringen aanbiedt voor FBTO, OHRA of andere direct writers. Is dit niet het geval, dan is de kans erg groot dat de betreffende website een traditionele tussenpersoon is en dat de verzekeringen die getoond worden flink duurder zijn dan de verzekeringen die via andere vergelijkingssites gevonden kunnen worden.

Bijlage A

In de volgende tabel staan de 30 gebruikte fictieve personen. Dit zijn alle gebruikte persoonskenmerken. De autokenmerken liggen allemaal vast in de kentekenplaat. De kentekenplaten zijn echter onherkenbaar gemaakt omwille van privacyredenen.

Tabel 3 (bijlage

In de volgende tabel zijn de cijfers van alle premies te zien per case. De cases komen overeen met de cijfers uit de vorige tabel.

tabel 4 (bijlage)

Nog geen reacties

Reageer